Animation2.gifHet onderwerp

Vul van elke zin het onderwerp in. Je vindt een onderwerp door de persoonsvorm van getal te veranderen; het onderwerp moet dan meeveranderen.
1. Veel gebieden in Sumatra worden geteisterd door bosbranden.
onderwerp:
2. Eigenlijk is dat onderwerp helemaal niet zo moeilijk te vinden.
onderwerp:
3. Wil de eigenaar van deze auto zich onmiddellijk melden.
onderwerp:
4. Tijdens de koffie praatten Wilma en Betty over hun nieuwe afwasmachine.
onderwerp:
5. Altijd fijn als zo'n oefening niet te moeilijk is.
onderwerp:
6. Onhandig als je je rekenmachine vergeet voor je proefwerk wiskunde.
onderwerp:
7. Teleurgesteld over de zeer matige muziek druipt na het schoolfeest iedereen af.
onderwerp:
8. Jammer dat antwoordapparaten geen telefoontjes kunnen beantwoorden.
onderwerp:
9. Bij dit jurkje moeten gewoon nieuwe schoenen, mam.
onderwerp:
10. De slungelachtige jongen met zijn haar tot op zijn schouders en met loszittende veters struikelde voorover in de plas.
onderwerp: