Animation2.gifWelke SpelSpiekercategorie?

Hoeveel woorden -die in een SpelSpiekercategorie thuishoren- vind je in elke zin? Je vult dus als antwoord een getal in.
Let goed op het onderscheid tussen een infinitief en een zelfstandig naamwoord: een infinitief moet in het gezegde zitten.
1. Had u anders nog iets gehad willen hebben?
2. Gestolen goed gedijt niet.
3. Scoren in een europacupfinale blijft een aantrekkelijk idee.
4. Als je goed leert, haal je hoge punten en zul je later slagen in het leven.
5. Dat leven zó eenvoudig kan zijn.
6. Je hebt zeker weer met je neus gezocht.
7. Denkend aan Holland zie ik meisjes op fietsen over het oneindig laagland zweven.
8. Gevonden voorwerpen worden zelden opgehaald.
9. Huilen is voor jou te laat; ik kom niet meer.
10. De Nederlandse les geeft je altijd het idee dat je je tijd goed besteedt.