|
|
| home | zoeken | contact | lerarenkamer | 7Days | Teleblik | |
|
woorden benoemen |
hulpwerkwoord
In tegenstelling tot het zelfstandig werkwoord heeft een hulpwerkwoord zelf nauwelijks of geen betekenis. Een hulpwerkwoord helpt een ander werkwoord:
hebben of zijn zorgen voor een voltooide tijd
Ik voetbal (ott)
-
Ik heb gevoetbald (vtt)
Ik voetbalde
(ovt)
- Ik had gevoetbald (vvt) zullen zorgt voor een toekomende tijd
Ik zal voetballen
(ottt)
-
Ik zou voetballen (ovtt)
kunnen, moeten, mogen, willen zijn veelgebruikt, maar er zijn veel werkwoorden die normaal zelfstandig zijn, maar die ook hulpwerkwoord kunnen worden. Denk eens aan woorden als zitten, liggen, proberen en staan in: Hij zit weer te slapen. Dan bedenk je gewoon: Geen zww? dan hww! |
OTT OVT VTT VVT OTTT OVTT VTTT VVTT |
|
|
||