Zoeken

Het sabotagehulpwerkwoord al eens gebruikt?


 

Meewerkend voorwerp

In een zin met een meewerkend voorwerp gaat er iets (lv) van de een naar de ander. Daarom heb je een onderwerp én een meewerkend voorwerp nodig.

Het meewerkend voorwerp is dan ook meestal een levend wezen of een instelling. In veruit de meeste zinnen is het meewerkend voorwerp een ontvanger. Een meewerkend voorwerp komt in normale teksten dan ook niet zo vaak voor.

V o o r b e e l d e n

De eerste keer gaf ik hem het voordeel van de twijfel.
wg = gaf, geven is een 3-plaatsig werkwoord De handeling is geven.
o = ik (de gever)
lv = het voordeel van de twijfel (gaat van de een naar de ander)
mv = hem (de ontvanger)

Ik heb je een cadeautje meegebracht. 
wg = heb meegebracht, meebrengen is (vooral in Zuid Nederland) een 3-plaatsig werkwoord. De handeling is meebrengen.
o   = Ik (de gever)
lv  = een cadeautje (gaat van de een naar de ander)
mv = je (de ontvanger)

LET OP 1: De ontvanger OF JUIST NIET!

Als het belangrijkste werkwoord in het gezegde het tegenovergestelde van geven  betekent, bijvoorbeeld afpakken  of ontnemen, dan is het meewerkend voorwerp juist degene die het lijdend voorwerp NIET krijgt:

Ik pakte hem de bal af.

wg = pakte af (is 3-plaatsig) De handeling is afpakken.
o   = Ik (de ontvanger)
lv  = de bal (gaat van de een naar de ander)
mv = hem  (de verliezer/gever)

Want:
In een zin met een meewerkend voorwerp gaat er iets (lv) van de een naar de ander. Daarom heb je een onderwerp én een meewerkend voorwerp nodig.

LET OP 2: krijgen en zo

Sommige werkwoorden delen als EERSTE! rol de ontvangersrol uit: Hij krijgt een snoepje. Dat zit in de betekenis van het werkwoord. Je ziet hier duidelijk een 2-plaatsig werkwoord. Dus: als een werkwoord een synoniem van 'ontvangen' is moet je goed opletten hoe het zit met de rollen. Congruentie kan je dan redden.

Het werkwoord bepaalt

Het werkwoord(elijk gezegde) is de regisseur van de zin. Lees verder hoe dat zit.

Verder