Kennis van
grammatica levert de lol op van het kunnen praten over mooie zinnen,
verrassende constructies en het geeft je aanknopingspunten voor het aanleren
van een andere taal.
Daarom levert bruutTAAL op de site een samenhangende
grammatica, met veel onderlinge links, die leerlingen kunnen helpen
verbanden te zien. Want als grammaticaonderwijs íets beoogt, is het wel
relaties verduidelijken tussen zinsdelen en woordsoorten en tussen zinsdelen
onderling. Ook relaties met moderne vreemde talen hebben in bruutTAAL een
duidelijke plaats.
Vanwege die samenhang is ervoor gekozen om
bij zinsontleding in één les alle zinsdelen te introduceren. Dat daagt uit,
zeker havo- en vwo-leerlingen. Het is een belediging om die te vermoeien met
een half jaar alleen persoonsvormen en onderwerpen zoeken.
Meteen ook samengestelde zinnen, zonder die
zo speciaal te noemen. Leerlingen moeten
niet na één persoonsvorm stoppen met persoonsvormen te herkennen. Dat levert te veel spelfouten op in de
werkwoordspelling.
Géén zinsdeelproef. Vooraf strepen
zetten is vragen om problemen. Een leerling zal niet makkelijk de streep die
hij eerst gezet heeft, verplaatsen. Strepen zetten veronderstelt een
doorgronde zin. Je begrenst dus een zinsdeel dat je gevonden hebt. Zo komen
ook alle strepen er te staan en denk je over elk zinsdeel even na.
De site geeft je als leraar ook de gelegenheid om
individuele
leerlingen te verwijzen naar specifieke onderwerpen en oefeningen, naar
aanleiding van schrijfproducten. Je hoeft niet in een volgorde te werken.
Didactische tips over werken met deze site vind je in
het Lerarenmateriaal. BruutTAAL is geen digitale methode: het 'lesmateriaal'
op de site is niet bedoeld om zelfstandig door leerlingen te laten
doorwerken. Het leerrendement zal dan laag zijn. Jij bepaalt als leraar hoe
je dat materiaal inzet.
De oefeningen
met
zijn wel bedoeld om zelfstandig te oefenen.