|
|
| home | zoeken | contact | lerarenkamer | 7Days | Teleblik | |
|
zinnen ontleden
|
werkwoordelijk gezegde (wg)
Een werkwoordelijk gezegde vertelt wat er gebeurt, wat er gedaan wordt: de handeling, een werking. Een werkwoordelijk gezegde bestaat uit alle werkwoorden die bij elkaar horen. De persoonsvorm is dus ook een onderdeel van het gezegde.
voorbeeld: Je had kunnen weten dat ik weer met een samengestelde zin als voorbeeld zou komen. gezegde 1: had kunnen weten gezegde 2: zou komen
Bijzondere gevallen Een werkwoordelijk gezegde kan uitgebreid worden met niet-werkwoorden, die vastzitten aan het zelfstandige werkwoord van het werkwoordelijk gezegde.
Hij | lost
| het | op (infinitief: oplossen) Hij | vergist | zich. (infinitief: zich vergissen)
Hij | schiet | uit zijn slof . (Complete werkwoordelijke uitdrukking: uit zijn slof schieten)
Zij | zit | weer |
te schrijven. Hij | is | altijd | aan het lezen.
|
|